Bij het vraagtype Woorden invullen staat er een zin op het grote scherm waarin een of meer woorden zijn weggelaten. Deelnemers typen op hun telefoon wat er op de lege plekken hoort. Het werkt goed voor songteksten, spreekwoorden, bekende citaten en taalvragen, en je merkt dat mensen vaak denken het te weten, tot ze het echt moeten typen.
Hoe werkt het?
Hoe maak je een woorden invullen vraag:
- Kies het vraagtype Woorden invullen.
- Typ de hele zin als vraag, dus mét de woorden die straks moeten verdwijnen. Bijvoorbeeld: Als de kat van huis is, dansen de muizen op tafel.
- Zet bij In te vullen woorden de woorden die deelnemers moeten invullen, gescheiden door een komma: kat, muizen.
- Zodra de in te vullen woorden matchen met woorden uit de vraag zie je dat ze automatisch worden verborgen in de vraag. Klik je weer in de vraag, dan staat de volledige zin er om te bewerken.
De volgorde waarin je de woorden intypt maakt niet uit. Ze worden gesorteerd op de plek waar ze in de zin staan, dus het eerste gat is altijd het eerste invulveld op de telefoon.
Voor deelnemers op de telefoon
Tijdens de quiz zien deelnemers op hun telefoon dezelfde zin, ontbrekende woorden zijn vervangen door ____. Voor elk ontbrekend woord is er een apart invulveld. Versturen kan pas als alle velden zijn ingevuld, met de knop “Versturen” of met Enter in het laatste veld.

Instellingen van de invulvraag
Timer, punten en andere instellingen
De timer, het aantal punten, snelheidspunten, de hint, een uitlegslide, het antwoordscherm en afbeeldingen of video werken bij elk vraagtype hetzelfde. Hieronder gaan we verder met de specifieke instellingen voor de invulvraag.
In te vullen woorden
De woorden uit je zin die worden weggelaten, gescheiden door een komma. Een weggelaten woord mag ook uit meer woorden bestaan (New York), of uit een getal of een losse letter. Alleen de eerste plek waar het woord voorkomt wordt weggelaten.
Kleine foutjes toestaan
Staat Kleine foutjes toestaan aan, dan maakt het niet uit of iemand hoofdletters gebruikt, en worden kleine typefouten goed gerekend. Hoeveel speling er is hangt af van de lengte van het woord:
- tot en met 4 letters: geen typefouten, alleen hoofdletters maken niet uit;
- 5 tot en met 8 letters: één letter mag anders, ontbreken of te veel zijn;
- langer dan 8 letters: twee.
Staat het uit, dan moet elk antwoord letter voor letter kloppen, hoofdletters inbegrepen. Alleen spaties voor en na het antwoord tellen niet mee. Standaard is deze instelling ingeschakeld, ook terug te vinden in de spelinstellingen van je quiz.
Hoe worden de punten berekend?
Elk ontbrekend woord wordt apart beoordeeld: het eerste ontbrekende woord moet matchen met het eerste ontbrekende woord dat door de deelnemer wordt opgegeven. De punten worden verdeeld over het aantal ontbrekende woorden. Heeft een vraag van 100 punten drie gaten en vult iemand er twee goed in, dan krijgt die deelnemer 67 punten (afgerond). Alles goed geeft de volle punten, niets goed geeft 0. Staat de instelling “antwoordsnelheid telt mee voor punten” aan dan speelt dat ook nog een rol.
Invulvragen tijdens de quiz
Tijdens de vraag
Op het grote scherm staat de zin met witte blokjes op de plek van de ontbrekende woorden. Dat geldt ook al voor het aankondigingsscherm, zodat de juiste antwoorden nergens vooraf te zien zijn. Op de telefoon staat de zin met ___ en de invulvelden eronder.
Na de vraag
Op het antwoordscherm komen de ontbrekende woorden een voor een tevoorschijn. Daaronder staan de antwoorden van de deelnemers, in willekeurige volgorde: de naam met daarachter wat ze per ontbrekend woord hebben ingevuld, elk antwoord groen of rood gemarkeerd. Het icoontje ervoor laat zien of het antwoord helemaal goed (✓), deels goed (~) of fout (✗) was.
Het is altijd grappig om te zien hoeveel verschillende versies van dezelfde songtekst er rondgaan.
Er passen ongeveer 20 antwoorden op het scherm, of 12 als de vraag een afbeelding heeft. Zijn er meer, dan staat er onderaan hoeveel andere antwoorden er nog zijn.

Op de telefoon
Op de telefoon krijgt elk invulveld een groen of rood kader met een ✓ of ✗. Deelnemers zien of ze het goed hadden, bij gedeeltelijk goed bijvoorbeeld “2 van de 3 goed”, met daarbij het behaalde aantal punten.
Tips voor leuke invulvragen
- Laat woorden weg die het verschil maken. Een lidwoord of voorzetsel invullen is vooral gokken. Het kernwoord van een spreekwoord of de clou van een songtekst is waar mensen echt over nadenken.
- Houd het aantal ontbrekende woorden beperkt. Twee is meestal genoeg. Elk extra ontbrekend maakt de zin minder goed te begrijpen.
- Geef genoeg tijd. Typen duurt langer dan tikken op een antwoord. Zet de timer wat ruimer dan bij een meerkeuzevraag.
- Let op woorden die ook in een ander woord zitten. Alleen de eerste plek waar de letters voorkomen wordt weggelaten, ook als dat midden in een ander woord is. Controleer bij het maken van de vraag of de juiste plek leeg is.
- Geen komma’s in een gat. De komma scheidt de woorden, dus 1,5 wordt twee gaten. Kies bij getallen liever een heel getal.
- Kies woorden met één schrijfwijze. Per gat telt één antwoord als goed. Woorden die op meerdere manieren geschreven kunnen worden, zoals namen of getallen in cijfers of letters, leveren onterecht foute antwoorden op.
- Zet kleine foutjes uit bij taalvragen. Test je spelling of vervoegingen, dan wil je dat word en wordt niet allebei goed zijn. Zet Kleine foutjes toestaan dan uit.
Alternatief vraagtype
Meerdere schrijfwijzen? Gebruik een open vraag
Ontbreekt er maar één woord en zijn er meerdere goede antwoorden, dan past een open vraag beter. Daar kun je variaties opgeven die ook goed worden gerekend. Bijvoorbeeld: Wie schilderde De Nachtwacht? met als antwoord Rembrandt en als variatie Rembrandt van Rijn.
Liever laten kiezen? Gebruik meerkeuze
Wil je dat deelnemers kiezen in plaats van typen, bijvoorbeeld omdat de vraag moeilijk is. Zet de zin dan in een meerkeuzevraag: Gooi nooit oude schoenen weg voordat je___ hebt, met als opties sneakers, nieuwe, blaren en betere.
S